Archive for the ‘evangelischen’ Category
Nog meer Goedgelovige bijdragen
Op de christelijk-satirische website zijn er nog weer een paar columns van mij geplaatst:
- Elk beroep een Opwekkingslied – over het toepassen van Opwekkingsliederen (evangelische liederenbundel) in het dagelijkse leven. ‘Laat je leven gevuld zijn met Opwekkingsliederen dankzij deze handige tips…’ Niet voor mensen die erg gehecht zijn aan een bepaald Opwekkingslied en er helemaal geen andere (en zeer vreemde) associatie bij willen hebben. En toch zitten er in deze grapjes soms diepe waarheden verborgen… Er volgen nog meer delen in de “Mijn associaties bij Opwekkingsliederen”–serie.
- 12 tips om een saaie preek door te komen en het tweede deel 12 tips om een saaie preek door te komen 2. Lees ook de reacties waarin mensen nog meer handige tips geven en waarin ik een keer deze reactie plaats over een saaie preek waar ik zelf bijzonder veel aan gehad heb.
- De gelijkenis van de zaaiende omroep – een scherpe en satirische reactie op het vertrek van Arie Boomsma bij de EO. Een hervertelling van de gelijkenis van de zaaier als ode aan Arie.
Binnenkort zullen er nog meer bijdragen van mijn hand gepubliceerd worden. Klik in de rechterkolom onder ‘Categorieën’ op ‘Goedgelovige bijdragen’ voor alle links naar die prachtige site en een korte inhoud van mijn bijdragen.
Een EO-brief uit de hel (deel 2 – mijn commentaar)
In een vorig bericht heb ik verteld dat ik een bijzondere brief heb gevonden. Het is van een hoofdduivel en gericht aan een hulpduivel en gaat over het stopzetten van het EO-cabaretprogramma “Loopt een man over het water”. Hierbij mijn commentaar op die brief.
Allereerst, duivels moet je natuurlijk niet helemaal geloven. Waarheid en leugens worden vermengd. Maar daardoor zit er dus ook altijd iets van waarheid in. Deze actie van de EO en de conservatieve achterban doet in ieder geval het vuur oplaaien. Een aantal groepen mensen spelen een brandbare rol in dit geheel en die rollen komen ter sprake in de ‘EO-brief uit de hel’. Daarom geef ik mijn commentaar bij deze kwestie en neem ik die brief wel serieus.
Of het allemaal wijsheid is wat ik hieronder schrijf, valt te betwijfelen. Maar deze kwestie raakt me wel, omdat het gaat om het gesprek over Jezus in onze samenleving. Zowel Jezus als onze samenleving zijn me heel dierbaar en het gesprek over deze twee vind ik erg belangrijk. Misschien ben je het met me eens op sommige punten, misschien ook niet. Ik hoop vooral dat ik alle rollen goed weergeef.
- De conservatieve christenen
Zij vrezen dat er met de naam van Jezus gespot zal worden en vinden dat heel erg. Ze hopen dat er respect zal zijn voor hun visie en gevoeligheden. Dat respect mist nogal eens in onze samenleving. Alles moet belachelijk gemaakt kunnen worden. Maar deze mensen vragen dan: is er dan niets meer heilig? En is het wel zo heilzaam om geen heiligheid meer te hebben? Zijn er geen grenzen? Dit zijn vragen waarover we in een samenleving met verschillende religies en levensbeschouwingen toch een begaanbare weg moeten vinden om samen verder te kunnen?
Erg lastig is wel dat deze groep conservatieven een keihard oordeel geeft over iets dat ze niet gezien hebben en waarvan ze alleen maar veronderstellen dat het spottend, grof en godslasterlijk zal zijn. Misschien zouden ze gelijk hebben gekregen, maar misschien ook niet. En blijkbaar verwachten ze dat de EO programma’s zal maken die spotten met Jezus, grof en godslasterlijk zijn… ??!! Wat voor beeld en verwachtingspatroon hebben die mensen van de EO?
Maar er zit nog een belangrijke vraag onder dit snelle oordeel van deze groep christenen: als we als samenleving mensen gaan beoordelen op wat we veronderstellen of vermoeden dat ze gaan doen, wordt het dan niet compleet onleefbaar? Met uitspraken als: “Ik vermoedde dat die vrouw me zou gaan bestelen” of “Ik veronderstelde dat die man een crimineel was” kom je niet ver in de rechtszaal. Voor de rechters maak je jezelf daarmee belachelijk.
Het lijkt me beter om iets te beoordelen als het er is, toch?
Het getuigt van een enorm vooroordeel dat mensen al van alles kunnen roepen over dit programma zonder dat ze het gezien hebben. Of keuren ze het ook goed dat ongelovigen de inhoud van de bijbel bekritiseren zonder de bijbel gelezen te hebben? Of mogen we iemand veroordelen op basis van een misdaad die hij of zij mogelijk zou kunnen doen? Zet dan iedereen maar gelijk vast, toch?
Ik schrik er ook behoorlijk van – en het doet me ook verdriet – dat de groep christenen, die blij zijn dat het programma niet doorgaat, bijna alleen maar reageren met opluchting. Ze zeggen niets over hoe jammer het is dat er nu niet over Jezus gesproken zal worden! Ze zeggen niets over de negatieve publiciteit voor het christelijk geloof die dit veroorzaakt. Raakt hen dat niet? Vinden ze het niet belangrijk dat Jezus ter sprake komt in de Nederlandse samenleving? Misschien vinden ze dat wel, ok, maar ze zeggen het niet! Ze zeggen alleen maar dat ze blij zijn dat het niet doorgaat! En meer dan die woorden hebben we niet. De reacties van deze christenen op sites als Goedgelovig en het Nederlands Dagblad spreken boekdelen.
Een gelovige voor wie het gesprek over Jezus met ongelovigen heel belangrijk is, zal toch meteen verdriet hebben om het missen van deze kans, ook al zijn ze opgelucht dat deze vorm niet doorgaat? Maar er wordt in de reacties niet gesproken over Jezus, alleen over de wetten en de normen die zouden gelden bij de spot die ze vermoeden.
Ik vind het zelf bijzonder fijn als er gesproken wordt over Jezus en het is vooral interessant als dat gebeurt met mensen die een andere mening over Jezus hebben. Zo leer je jezelf, de ander en Jezus beter kennen. Zo bedrijf je dialoog en zending – door in gesprek te gaan met andersdenkenden.
En stel dat de cabaretiers of je buren grappen maken die over de schreef gaan, dan kun je ze daarop aanspreken en uitleggen waarom jou dat schokt of verdriet doet. Het tv-programma had een oproep tot wederzijds respect kunnen zijn. Het programma had een bijzonder waardevolle manier kunnen zijn om Jezus ter sprake te brengen in onze cultuur en wel op een manier die de gemiddelde ongelovige Nederlander begrijpt en kan waarderen.
Laten de mensen achter deze reacties liever gaan nadenken hoe je dan wel op Nederland 3 op een pakkende en interessante manier Jezus ter sprake kan brengen, in plaats van zulke negatieve kritiek te geven. Richt je op het goede (tv-programma’s over Jezus) en laat je leven niet leiden door mogelijk kwaad (eventuele misstappen die plaats zouden kunnen vinden), zou ik zeggen.
- De EO
Ze hebben het afgelopen jaar al zoveel op hun dak gehad, dat ik vooral medelijden met de leiding heb. Het wordt ze niet makkelijk gemaakt. Maar blijkbaar woedt er ook een grote onderlinge strijd in de EO achterban. Ik hoor (kan het niet verifiëren) dat wel 2000 EO leden hun lidmaatschap hebben opgezegd vanwege dit programma. (Dan blijven er trouwens nog zo’n 400.000 over?)
Maar goed, het wordt toch lastig als iedereen vindt dat hij of zij de enige waarheid, weg en leven heeft en elkaar gaat bevechten op goede en foute interpretaties. Een lastig clubje om te leiden, vooral als ze blijkbaar geen vertrouwen hebben dat je als EO op een christelijke manier een cabaret programma gaat maken…!?!
Hoe dan ook, de EO leiding heeft er geen goed aan gedaan dit programma eerst goed te keuren (op basis waarvan?) en het vervolgens na veel publiciteit weer stop te zetten. Ze spelen hiermee elke ongelovige in de kaart die geen goed beeld van christenen heeft. En de andere ongelovigen krijgen nu wel een negatief beeld van christenen en het christelijk geloof. Dat kost jaren aan PR werk om dat weer goed te breien. De negatieve publiciteit is volgens mij wel te vergelijken met vroegere berichten over tv-evangelisten die overspel pleegden. Jaren en jaren lang blijft dat beeld hangen…
Maar ik vraag me vooral af waarom de EO het programma heeft stopgezet als ze het eerder goedgekeurd hebben. Ging het programma een heel andere kant op dan was afgesproken? Of hebben ze in het begin een dramatische beoordelingsfout gemaakt? Of zijn ze gewoon gezwicht voor een deel van hun achterban? Volgens een stukje op hun website toch vooral het laatste. En Arie Boomsma — zijdelings ook de cabaretiers met wie hij contact heeft gehad — zijn daar de dupe van.
Ik hoop dat de EO snel met een nieuwe creatieve manier komt om Jezus op Nederland 3 ter sprake te brengen. Daarmee zijn ze toch voluit bezig met hun missie? En dat zullen ze op een prikkelende en pakkende manier moeten doen, anders kijkt er geen hond. Daarvoor hebben ze toch wat speelruimte nodig, net zoals zendelingen op het zendingsveld ook nieuwe vormen en methoden gebruiken die niet altijd door de achterban gewaardeerd worden, maar die wel nodig zijn in de cultuur en de situatie.
En laten wij dan de EO beoordelen op wat ze doen en niet op wat er eventueel zou kunnen gebeuren (als dit en als dat)!
- De ‘ongelovige’ Nederlanders
(Hieronder versta ik dan ook de betrokken cabaretiers zelf.) Al deze mensen hebben nu stof genoeg om het christelijk geloof af te serveren. “Een bekrompen groepje dat niet tegen een andere mening kan en oordeelt op basis van iets dat ze niet gezien hebben.” Ze worden bevestigd in hun vooroordeel.
En toch is die mening over het christelijk geloof ook een vooroordeel. Zij zouden zich ook kunnen verdiepen in de achtergronden van de conservatief christelijke protesten tegen het programma. Want het gaat over zaken die de conservatieve christenen echt raken en verdriet doen, ook al uiten ze zich wat onbeholpen en liefdeloos. En ook al is de mening van die christenen heel anders dan hun mening, ze beroemen zich er toch op dat je ook naar andere meningen moet luisteren? En daarnaast staan ze voor een gedongen feit: ze wonen met deze mensen in hetzelfde land en of ze het willen of niet, deze mensen zijn wel hun buren en medeburgers.
En als ze dan toch nog willen spotten met het geloof of met Jezus, laten ze zich dan eerst goed voorbereiden over wat en wie ze het hebben. Want vooroordelen zijn nooit goed. En misschien is het ook wel goed dat ze kennisnemen van al het goede dat er dankzij christenen is gebeurd en nog steeds gebeurt! Een paar voorbeelden van het goede werk van (evangelische) christenen heb ik al eens eerder op een rijtje gezet (zie hier). Dat relativeert een snel en oppervlakkig oordeel over christenen.
En ik? Ik hoop dat het gesprek dankzij of ondanks deze kwestie toch nog wat op gang kan komen. Ik zie uit naar een tv-programma waarin op een creatieve en aansprekende manier een goed gesprek over Jezus plaatsvindt. Een programma waarin andere meningen serieus genomen worden en waarin de vooroordelen over “christenen” en over “ongelovigen” een beetje uit de weg geruimd kunnen worden. Dan wordt het niet zo snel een hel op aarde en krijgen de duivels geen vrij spel.
Maar dat is mijn mening.
Een EO-brief uit de hel (deel 1 – de brief)
De EO heeft een cabaretprogramma “Lopen over het Water” stopgezet vanwege zware protesten uit de conservatieve achterban. Ik ben daarop wat gaan zoeken en stuitte toen wonderlijk genoeg op deze brief van een hoofdduivel tegen zijn hulpduivel (met veel dank aan C.S. Lewis).
Beste Galsem,
De conservatieve christenen van Nederland hebben een heldendaad verricht. Zij hebben er door hun protesten voor gezorgd dat het EO-programma “Loopt een man over het water” werd stopgezet. Het was ook al heel gevaarlijk voor ons aan het worden. De uitgenodigde cabaretier Guido Weijers had zich al verdiept in het Marcus evangelie en had als atheïst een stap richting de EO en het geloof willen zetten (zie hier). Mensen hadden over Jezus gesproken en ze hadden die boodschap kunnen horen op een manier die ze begrijpen en waarderen. Wie weet welke gevolgen dat had kunnen hebben en wat een werk dat jou en mij als duivels had bezorgd?!
Gelukkig zijn daar dan de conservatieve christenen die met hulp van de EO leiding de interesse van Guido Weijers voor het christelijk geloof de kop in weten te drukken. Gelukkig dat zij hebben verhinderd dat er in Nederland over Jezus wordt gesproken. Gelukkig dat zij ervoor zorgen dat er nu in heel niet-christelijk Nederland om christenen kan worden gelachen als hyper-gevoelige mensen die bang zijn voor een andere mening. En dat zij tot en met de oudejaarsconference van Guido en jaren daarna een heel negatief beeld van het christelijk geloof hebben weten te promoten. Wat een doorbraak voor ons werk!
En heel knap, die conservatieve achterban van de EO hoeft daarvoor geeneens een enkele aflevering gezien te hebben. Zij hebben hun mening al gevormd op basis van veronderstellingen, een voorgevoel, vermoedens, een hoop roddel en een paar vooroordelen over cabaretiers zonder ook maar iets van de definitieve uitzending gezien te hebben!
Galsem, je hoeft deze keer niets te doen, want de EO leiding en de conservatieve christenen hebben er al voor gezorgd dat Jezus deze keer niet ter sprake komt. Nou ja, Hij komt wel ter sprake, maar dan op een manier waar wij van smullen! Een manier waarbij de vooroordelen over “christenen” en “cabaretiers” weer bevestigd worden. En je weet het, beste Galsem, vooroordelen zijn — zoals de Engelsen zeggen — ons (geroosterd) brood-en-boter.
je liefhebbende oom,
Schroefstrik (of zoals je Engelse collega’s zeggen: Screwtape)
In een volgend bericht geef ik mijn commentaar op deze schokkende brief.
Gif drinken als ultiem evangelisatiemiddel
Op Goedgelovig, één van mijn favoriete websites, las ik tot mijn schok en verbazing het bericht ‘gristenen oefenen in mortuaria’. Een super-gelovig groepje christenen genaamd Extreme Prophetic (xp) heeft het idee opgevat om voor doden in mortuaria te gaan bidden, zodat ze weer tot leven zullen komen. Ze willen daarmee “gehoorzaam zijn aan de bijbel”. Daarmee wijzen ze op bepaalde teksten en lezen die op hun ‘bijzondere’ manier.
Volgens mij doen de mensen van Extreme Prophetic in hun onbezonnen enthousiasme meer kwaad dan goed. Zulke extravagante en onpastorale acties hebben grote gevolgen voor de nabestaanden. Eerder heb ik de gevolgen van zulke ‘wonderlijke uitspraken’ al gemerkt. In fanatieke charismatische organisaties, zoals onze Nederlandse TRIN, worden uitspraken gedaan als “iedereen die bij Jezus komt, zal genezen”, verwachtingen gewekt van grote wonderen en beloften gedaan van voorspoed en gezondheid.
Hoewel ik hun enthousiasme voor God niet wil temperen en zie dat ze ook veel goede dingen proberen te doen, wil ik ze toch wel wijzen op de gevolgen van zulke uitspraken. Die gevolgen ben ik tegengekomen in het pastoraat en in het onderzoek ‘Ooit evangelisch‘. Mensen die grote problemen kregen toen ze niet genazen – mensen die verstoten werden, omdat ze “niet genoeg geloof hadden, want anders was je wel genezen”. Ja, echt!
Zo kwam ik nog een diep tragisch verhaal tegen. Een meisje met aids geloofde dat ze door God genezen was, stopte met de medicijnen en verkondigde overal haar genezing, maar stierf toch:
“Door mijn geloof in Jezus ben ik van de ziekte genezen en heb ik geen [aids] remmers meer nodig.” (bron: de Surinaamse krant De Ware Tijd van 20 april 2009 — je moet je aanmelden om dit bericht in het archief te kunnen lezen. De tekst staat ook in deze reactie bij een artikel op de website Goedgelovig.)
Haar ‘geloof’ werd haar fataal.
Met zulke verhalen in mijn achterhoofd wilde ik dus wel meewerken aan een artikel in de krant Trouw over TRIN: “Een nieuwe ster aan het firmament“. Ik heb niets tegen Mattheus van der Steen, de pr-man Jop van der Bijl of wie dan ook bij TRIN. Ik zie ze als medemensen en medegangers op de weg van geloof. Ik heb ook niet alle antwoorden en weet het ook niet allemaal, maar ik ben wel bang voor de gevolgen van bepaalde extreme uitspraken en kom graag op voor de kwetsbare mensen die zitten met twijfel, ziekte en problemen.
Een tekst als Markus 16:17-18 wordt vaak door de super-gelovigen aangehaald.
…Degenen die tot geloof zijn gekomen, zullen herkenbaar zijn aan de volgende tekenen: in mijn naam zullen ze demonen uitdrijven, ze zullen spreken in onbekende talen, met hun handen zullen ze slangen oppakken en als ze een dodelijk gif drinken zal dat hun niet deren, en ze zullen zieken weer gezond maken door hun de handen op te leggen.’ (NBV) Zie voor kanttekeningen bij deze verzen het blokje onderaan dit bericht.
Op de Goedgelovig website deed ik als reactie op het artikel over de mortuaria-gristenen – en de hele discussie die het uitlokte — het volgende ‘pittige’ voorstel (ik ben zo vrij geweest mijn eigen spelfouten te corrigeren…):
Dit topic maakt nogal wat los. Sommigen herkennen in het enthousiasme van de Extreme Prophectics hun wens dat we allen meer open zullen staan voor God en zijn machtige daden zullen gaan ervaren.
Anderen hebben hier grote vragen bij.
Ik wil het volgende voorstellen:
Iedereen die in de komende opwekking van TRIN gelooft, in wonderen en genezingen en opstandingen uit de dood, – ga er mee aan de slag, zorg dat je zelf helemaal overtuigd bent, geef er alles voor, zorg dat je 100% heilig leeft, ga bidden, genees zieken, doe doden opstaan. Jullie visie op God is zodanig dat niets deze wonderen kan tegenhouden.
En als Ruitje, Rob, John, Job 28:28, Aafke en ik (en sorry dat ik niet iedereen noem) [de mensen die kritische opmerkingen bij de wonderlijke aanpak van Extreme Prophetic en anderen plaatsten, PITTIG] vervolgens zien dat al die wonderen plaastvinden zullen we waarschijnlijk tot inkeer komen.
Als het [de wonderen, genezingen en opwekkingen] niet gebeurt, dan ligt het aan jullie. Dan weten we meteen dat jullie niet genoeg geloof hadden, niet heilig leefden of Gods Woord niet serieus namen, ok?
Misschien dat sommigen dan zelfs denken dat jullie inderdaad ongelijk hadden?
(oh, wacht even, dit wordt al 100 jaar door extreme Pinksterbroeders verkondigd en het gebeurt nog steeds niet, maar misschien zijn ByHisSpirit, TRIN en vele anderen wel echt iets heel nieuws en stijgen zij uit boven alles wat er in de geschiedenis van kerk en wereld is gebeurd?)
Daarna heb ik hier nog een pittig voorstel aan toegevoegd, geïnspireerd door een foldertje van fanatieke moslims (zie hier) en de woorden uit Markus 16:
Als alle extreme prophetics nou op een plein gaan staan, nieuwscamera’s er bij en dan allemaal iets heel giftigs gaan drinken. Als het gif hen dan niets doet, zijn we ook snel overtuigd van hun interpretatie van de bijbel. Ze doen er dan geen anderen kwaad mee (zoals de nabestaanden van overleden in de mortuaria).
En er zijn verhalen dat het gif-drinken-zonder-gevolgen gebeurde! Bisschop Eusebius van Caesarea, tevens geleerde en historicus uit de 4e eeuw, vertelt in zijn ‘Kerkgeschiedenis’ (3:39) over Justus Barabbas, die gif dronk en geen gevolgen ervan ondervond, vanwege ‘de genade van de Heer’. Dat ‘genade van de Heer’ klinkt wel wat anders dan Extreme Prophetic’s ‘staan op de beloften van de bijbel’, maar goed.
Ik ben heel benieuwd hoeveel ‘gezalfde sprekers, genezers en evangelisten’ dit zouden doen: ‘gif drinken als vorm van evangelisatie’. Ik heb zo’n flauw vermoeden dat ze het makkelijker vinden om genezing en zelfs opwekking uit de dood aan anderen te beloven dan het zelf toe te passen. Ik heb het idee dat ze er makkelijker mee om gaan wanneer het de levens van anderen betreft, dan wanneer hun eigen leven op het spel zou staan.
Misschien ben ik nu te scherp? Als je dat vindt, hoor ik het graag. Maar ik vind de manier waarop sommige — let wel: sommige — charismatische en evangelische evangelisten en gebedsgenezers bezig zijn nog veel scherper naar alle zieken en nabestaanden toe.
Dus mijn oproep aan alle extreem charismatische ‘healers’, ‘evangelisten’ en ‘sprekers’: als je al sommige zinnen uit Markus 16 “toepast”, is gif drinken dan niet hét evangelisatiemiddel voor jou? Er zijn twee mogelijkheden: of je overtuigt velen van je boodschap, of je gaat rechtstreeks naar de hemel — klinkt dat niet als een win-win situatie? Ik zou zeggen: probeer het gewoon eens… of in jullie taal: ‘neem die stap in geloof’.
————————————
Kanttekeningen bij Markus 16:9-20
Degene die deze teksten gebruiken om op te roepen tot genezing en wonderen gaan er aan voorbij dat deze tekst in de oudste en meest betrouwbare handschriften van het Markus evangelie niet te vinden is. Het evangelie eindigt daar met vers 8:
Ze gingen naar buiten en vluchtten bij het graf vandaan, want ze waren bevangen door angst en schrik. Ze waren zo erg geschrokken dat ze tegen niemand iets zeiden.
Op dit blog is interessante (engelstalige) informatie over het toegevoegde einde te vinden. Een verwijzing naar de verzen 9-20 komen we voor het eerst tegen in bronnen uit ongeveer 150 n.Chr. — wat niet wil zeggen dat ze niet ouder kunnen zijn, maar dat weten we gewoon niet.
De verzen 9-20 zijn volgens de standaardvisie een poging van christenen uit latere tijden om het einde wat op te pimpen. Het kan zijn dat het evangelie ophield met vers 8 of dat het oorspronkelijke einde verloren is gegaan.
Ik heb trouwens ooit een indrukwekkende preek van ds. Langhout (toen nog Hervormd predikant in de Andreaskerk van Putten) gehoord, waarin hij vertelde dat vers 8 juist een heel mooi slot voor het evangelie is. Zal nog eens kijken of ik die preek ergens terug kan vinden.
Tips van moslims hoe je om kunt gaan met fanatieke evangelisten en zo
Jaren en jaren geleden heb ik van mijn vader een foldertje te zien gekregen. We woonden toen nog in Zuid Afrika en het foldertje kwam uit de plaats Durban. Het was van de Islamic Propagation Centre International waar Ahmed Deedat (inmiddels overleden, maar in die kringen wereldberoemd) vol enthousiasme bezig was met het uitdragen van zijn Islam-versie en het aanvallen van christelijke leerstellingen en overtuigingen.
Het foldertje zette mij erg aan het denken. Het getuigt wel van humor, maar vooral van scherpte.




Het foldertje is ook ideaal te gebruiken voor extreme charismatische evangelischen en evangelisten die genezingscampagnes houden en de grootste genezingen beloven.
Waarom evangelischen vaak erg goed bezig zijn

Flanders, de lieve, maar naïeve en wereldvreemde evangelische figuur uit de tv serie The Simpsons
Ik ben verhuisd uit de evangelische wijk van de stad Christendom. Ik heb in mijn vorige post verteld waarom ik dat gedaan heb — waarom ik niet meer evangelisch ben. Maar ik heb ook gezegd dat ik waardering heb voor een aantal aspecten. Nu ik in mijn ‘blog statistieken’ zie dat de twee delen over mijn vertrek uit de evangelische wereld zoveel gelezen worden, wil ik op mijn blog beslist ook een ander perspectief hebben staan. Daarom dit verhaal zodat je hopelijk beter begrijpt welk uitzicht ik nu heb op die evangelische wijk waar ik vroeger woonde.
Voor het gemak gebruik ik de term ‘evangelischen’ voor zowel de charismatische gemeenten als de ‘reformatorische’ en ‘anglikaanse’ evangelicals.
Kritiek op evangelischen
Er is nogal wat kritiek op evangelischen. Ze doen alsof ze God in hun broekzak hebben, houden geen rekening met culturele gevoeligheden, sluiten andersdenkenden snel buiten en zo kan ik nog wel even doorgaan.
Kritiek op evangelischen is niet nieuw. Ik heb delen van de BBC documentaire The Missionaries uit 1990 gezien die de — veelal evangelische — zendelingen pijnlijk op fouten en dubieuze praktijken wijst. Cultuur-vernietiging in naam van Jezus, omdat de lokale bevolking niet voldeed aan 19e of 20e eeuwse westerse conservatief christelijke kleding- en leefvoorschriften (die ook nog eens met verloop van tijd veranderden!) . De serie is in 1991 in boekvorm uitgegeven met als schrijvers Julian Pettifer en Richard Bradley en het boek staat waarschuwend in mijn boekenkast.
Kritiek op de kritiek
Toch zijn er een aantal zaken waar de critici snel aan voorbij gaan. Ik ga nu even niet in op de bijdrage van evangelischen aan de verspreiding van het evangelie. Voor evangelischen is dat uitermate belangrijk, maar het roept misschien weer allemaal nieuwe vragen bij de tegenstanders op. Ik kan het hier over een aantal aspecten hebben, maar wil me concentreren op één aspect in het bijzonder. Een aspect waar elk weldenkend mens toch respect voor zal hebben. Ik heb namelijk grote bewondering voor het sociale werk dat evangelischen hebben gedaan voor hun medemens.
Een paar voorbeelden:
- Evangelischen hebben ervoor gezorgd dat de slavernij werd afgeschaft.
De engelse parlementariër en evangelisch leider William Wilberforce speelde een grote rol in de beweging die ervoor zorgde dat de verschrikkelijke slavernij werd afgeschaft. - Evangelischen stonden aan de basis van onze moderne zorg voor dieren.
Dezelfde Wilberforce heeft met anderen de Royal Society for the Prevention of Cruelty to Animals opgericht. De RSPCA of dierenbescherming heeft wereldwijd grote invloed gehad op de bescherming van dieren. Ze hebben er voor gezorgd dat er betere leefomstandigheden kwamen en dat er meer aandacht gegeven werd aan het lot van dieren. Dus Partij voor de Dieren — koester die evangelischen! - Evangelischen hebben door hun zendingswerk enorm veel ziekenhuizen wereldwijd opgericht.
Daarmee hebben zij de lijn van de vroege kerk en de Rooms katholieke kerk voortgezet. Trouwens, niet onbelangrijk, ik ben zelf in zo’n zendingsziekenhuis geboren. - Evangelischen hebben grote bijdragen geleverd aan het onderwijs in vele landen.
Veel leiders van derde wereld landen hebben hun schoolopleiding te danken aan het werk van evangelische zendelingen. - Evangelischen zetten zich wereldwijd in voor hulp aan de allerarmsten en verstotenen.
Dat doen zij bijvoorbeeld op de vuilnisbelten in Roemenië (Lida Brugmans) en de Filippijnen (bijv. Young Focus’s werk op de “Smokey Mountains”). Kijk ook maar eens door de lijst van deelnemers van de Evangelische Zendings Organisatie. Al dat bewonderenswaardige werk wordt gedaan onder moeilijke omstandigheden, zonder schijnwerpers en media-aandacht.
De bijdrage van evangelischen aan de wetenschap en de maatschappij

Titelblad van de eerste druk van The Ely Volume
Kritiek klonk 120 jaar geleden ook al op de evangelischen en dan met name op hun zendingswerk. Maar in 1881 verscheen een uniek boek waarvan ik graag had gezien dat het veel bekender was geweest: Thomas Laurie, The Ely Volume, or, The Contributions of our Foreign Missions To Science and Human Well-being. Ik heb de herziene editie uit 1885 in mijn boekenkast staan.
In opdracht van vader en zoon Ely is de schrijver nagegaan op welke terreinen zendelingen van de American Board of Commissioners for Foreign Missions hebben bijgedragen aan wetenschap en maatschappelijk welzijn. Het boek telt 532 bladzijden en 22 hoofdstukken. Elk hoofdstuk is een wetenschappelijk gebied of een aspect van de samenleving waar deze zendelingen grote bijdragen aan hebben geleverd.
Ik noem enkele titels van hoofdstukken: Geologie, Meteorologie, Archeologie, Oude talen, Etnografie (kennis over volken), Geschiedenis, Medische Wetenschap, Educatie tot en met hoofdstukken over sociale zorg. Zelfs de bijdrage van zendelingen aan kennis over het gebruik van wijn in bijbelse landen wordt vermeld. Het was toen een hot topic in de discussie rond alcohol en geheelonthouders. Sommigen zeiden dat de wijn uit de bijbel geen alcohol bevatte en dat Jezus en Paulus dus geen alcohol tot zich namen, maar daar kon Thomas Laurie, dankzij vele berichten van zendelingen, heel duidelijk over zijn: er bestaan in het Midden Oosten geen wijnen zonder alcohol.
Het boek haalt in het voorwoord het dagboek van Charles Darwin aan, waar hij zeer lovend sprak over het werk van de zendelingen op Tahiti en Nieuw Zeeland en kritiek weersprak dat hun werk weinig uithaalde. Hij wees op de enorme verbeteringen in de gezondheid en de veiligheid van de bevolking sinds de zendelingen aan het werk gingen.
En dit boek behandelt maar een kleine groep! Het goede werk is gewoon doorgegaan en zelfs nog veel verder uitgebreid.
Op een zijspoor met atheïstische fundamentalisten
Na het lezen van zo’n boek begrijp ik des te minder dat er atheïstische fundamentalisten zijn die beweren dat de religie alleen maar voor narigheid en oorlogen heeft gezorgd. Zo’n visie vind ik behoorlijk wereldvreemd en een brevet van onkunde.
Een week geleden heb ik via mijn YouTube pagina nog een gesprek met iemand gehad die niets van religies moest hebben, omdat die zoveel kwaads hadden aangericht. Hij of zij heeft natuurlijk wel gelijk — religies, en ook het christendom, hebben veel kwaads aangericht. Maar dat is niet het hele verhaal en dus hebben ze ook ongelijk. Ik ken zoveel verhalen van uitermate goede en mooie dingen die de kerk van alle eeuwen heeft voortgebracht of gedaan. Het is toch onmogelijk om dat te ontkennen?
Je hoeft The Ely Volume er maar op na te slaan om te zien dat christenen (evangelischen) veel hebben bijgedragen aan wetenschap, vooruitgang en sociale zorg.
We hebben allemaal wat
Of je het met de evangelischen eens of oneens bent, het feit blijft staan dat ze heel veel goed werk hebben gedaan en nog steeds doen. Dus geen zwart – wit, goed – fout. We hebben allemaal wat (om met Elly en Rikkert Zuiderveld te spreken). En om die zin naar dit onderwerp te vertalen: we hebben allemaal wat positiefs en negatiefs.
Zo kijk ik dus naar die evangelische wijk waar ik vroeger woonde. En dit uitzicht wilde ik ook op mijn blog hebben staan.
Waarom ik niet meer evangelisch ben (2)
In het eerste deel van de post over dit onderwerp heb ik uitgelegd hoe allerlei vragen rond het ontstaan en gezag van de bijbel geleid hebben tot mijn verwijdering van het evangelische geloof. In dit tweede deel bespreek ik andere aspecten van mijn ‘evangelisch geloofsafval’.
Verbreding en verdieping
Naast de vragen rond de bijbel ontstond er tijdens de theologiestudie een grote liefde voor de kerk van alle eeuwen. Ik ben altijd al erg geïnteresseerd geweest in geschiedenis. Met het bestuderen van de kerkgeschiedenis werd me duidelijk dat de kerk door de eeuwen heen niet echt evangelisch is te noemen. Er waren zoveel mensen met prachtige theologieën en verschillende spiritualiteiten, die vol liefde voor God en medemens hun geloof uitleefden. Daar kon ik nog veel van leren. Terwijl in evangelische kringen een idee heerste van ’buiten de evangelische gemeenten en evangelische opwekkingen is het allemaal veel minder’. Dat idee klopte niet. Ik kwam juist zoveel meer en zoveel moois buiten de evangelische gemeenten tegen.

St. Martin kruis op het Schotse eiland Iona
Een boek dat deze bredere kijk op de kerkgeschiedenis bevestigde was Celebration of Discipline (Nederlandse eerste editie: Een nieuwe levenswandel en latere editie: Het feest van de navolging – groeien in spiritualiteit) van Richard J. Foster. Dit boek haalde levenswijsheid uit allerlei tradities, hoewel de schrijver zelf het spoor van de evangelicale traditie volgde. Ik las het boek keer op keer en behandelde het met iedereen die betrokken was bij de jeugdleiding. Wat een wijsheid, inzicht en liefde was er buiten gereformeerde en evangelische kaders!
Tijdens de studie leerde ik veel studenten en docenten beter kennen en ik proefde hun betrokkenheid bij God en medemens. Maar ze hielden er zeer verschillende meningen op na en waren afkomstig uit allerlei christelijke tradities. Ik zat in de collegebanken naast zwaar hervormd-gereformeerde broeders in hun zwarte pak, naast vrouwelijke studenten, vrijzinnige studenten en monnikken in pij. Bij sommige studievakken zaten baptisten, hervormden, vrije evangelischen en rooms katholieken gebroederlijk en gezusterlijk naast elkaar. Een aspect van de theologiestudie in Utrecht die ik als heel kostbaar heb ervaren.
De evangelische theorie dat de evangelische beweging het summum van het werk van God is, bleek in mijn optiek nergens op te slaan. Er was eerder en elders nog veel moois, misschien zelfs mooier…?!
Dûmny in Aldeboarn voor allerlei mensen

Gezicht op Aldeboarn met de scheve toren van de prachtige Doelhôftsjerke
Na de eerste overstap van gereformeerd naar evangelisch, volgde nu tijdens de studie een tweede stap: van evangelisch naar hervormd. De Hervormde Kerk was breed, kende veel stromingen en had een beetje een ‘katholiek’ levensgevoel. Je kon er wat bij hangen, maar je bleef altijd wel hervormd. Het rechtlijnige van veel gereformeerden kwam je alleen in de rechterflank tegen. Er was aandacht voor de eeuwen, een goede organisatie, ruimte voor andere meningen en betrokkenheid bij God en mensen. Ik was verkocht.
Na de afronding van de studie werd ik beroepen in het prachtige Friese dorpje Aldeboarn. Een Samen op Weg gemeente van het eerste uur. Behalve dat het contact met de mensen erg prettig was, was het een hele brede gemeente: gereformeerd, hervormd, links, rechts, conservatief, progressief – alles! Dat sprak me aan, hoewel het voor mij ook wel een uitdaging was.
Als zendingskind heb ik geleerd om me aan de omgeving aan te passen en dat deed ik opnieuw in Aldeboarn. Ik wilde eerst deze breedte van de (latere) Protestantse kerk beter leren kennen. Zodoende schoof het ‘evangelische’ alsmaar verder naar de achtergrond.
Daarnaast leerde ik in dit dorp ook doopsgezinden en rooms katholieken van dichtbij kennen. In het dorp was er een sfeer van ‘samen moeten we het doen’ en zoveel mogelijk mensen werden erbij getrokken. Ook waren we als christenen van verschillende kerken vanwege ons geringe aantal op elkaar aangewezen. Het was eerst wel even wennen om zulke andere tradities van dichtbij mee te maken, maar wat een fijne mensen waren dat ook. Ze keken heel anders tegen het geloof aan. Sommige doopsgezinden hadden bijvoorbeeld niet zoveel met een God die zijn eigen Zoon offert. Dat doe je toch niet? Dat kan toch niet Gods bedoeling zijn? En dat God in beheer is in deze wereld, dat blijkt toch niet echt? Ook naar deze mensen wilde ik luisteren en niet persé om hen een weerwoord te kunnen geven.
De dominee bij het sterfbed

De Doelhôftsjerke van Aldeboarn met eeuwenoude graven eromheen
De confrontatie met het lijden dat ik al in mijn jeugd in de Vietnam oorlog en de apartheidsjaren in Zuid Afrika van heel dichtbij had meegemaakt, werd als predikant versterkt in het contact met ernstig zieken, stervenden en nabestaanden. Hoe zat het eigenlijk met genezing en wonderen? Hoe zat het met God en het lijden? De evangelische theorieën bleken voor mij niet opgewassen tegen de werkelijkheid die ik om me heen zag.
Wat zag ik dan om me heen? Eeuwenoude graven die in en om de oude kerk van Aldeboarn heen lagen. Als predikant zag ik de huidige overledenen en de nabestaanden rond begrafenissen en crematies. Zo gaat de weg van de mensen en zo zou het met mij ook aflopen. We leven en we sterven. In dat perspectief wordt genezing sterk gerelativeerd.
Ik kon niet meer overweg met evangelische uitspraken als “zonde en ziekte werden aan het kruis genageld, zo bent u voor eeuwig vrij van hun vloek — u bent genezen.” (T.L. Osborn, Geloofsgetuigenis, p. 84). Een leven zonder zonde en ziekte? De Friese boerengemeenschap rond Aldeboarn was daar veel te nuchter voor.
Niet meer mijn wereld
Het evangelische verdween dus langzaam uit mijn leven. Ik ben geen mens van snelle wendingen. Ik denk eerst rustig over belangrijke dingen na en probeer het van allerlei kanten te bekijken. Maar ik kan inmiddels wel zeggen dat ik niet meer evangelisch ben.
Ik geniet nog steeds van enkele aspecten van de evangelische wereld. De muziek, hun enthousiasme voor hun vorm van godsdienst en hun daadkracht spreken mij aan. Maar er zijn teveel zaken die me nu heel vreemd lijken of me zelfs ergeren. Ik voel me helemaal niet meer thuis in een evangelische kerkdienst (‘samenkomst’). De stellige taal, de simpele boodschap, het gebrek aan nuances, het gemis van een theologie van het lijden, het zwart-wit denken, de emotionele bespeling van mensen, een sfeer en een taalgebruik dat anderen uitsluit. Nee, dit is niet meer mijn wereld. Het is fijn voor hen dat zij zich daar thuis bij voelen, maar ik vind het fijn dat ik er niet meer in zit.
Ik wens de evangelischen alle goeds toe, maar voor mij bestaat dat goede eruit om buiten de evangelische kaders te zijn.
Waarom ik niet meer evangelisch ben (1)

Ik heb een goede tijd in de Evangelie Gemeente Ermelo gehad. In de eerste jaren was het wel wat moeilijk. Dan worstelde ik wel eens met de gedachte of ik niet in een sekte terecht was gekomen, vooral als het er wat ‘vreemd’ aan toe ging met hypnotiserende muziek, emotionele oproepen en onvertaalde tongentaal. Daarvoor hadden we in Zuid Afrika gewoond en waren lid geweest van de Nederduits gereformeerde kerk in Zuid Afrika. De predikant van onze plaatselijke kerk stond heel open voor charismatische vernieuwing, maar de catechisatieboeken gaven een negatieve visie op de Pinksterbeweging en aanverwante groepen. En die gereformeerde waarschuwingen bleven nog lang hangen.
Toen we naar Nederland verhuisden, waren het jongeren uit de Evangelie Gemeente die ons als eerste opvingen. Op hun jongerengroep Shekinah was het heel gezellig en die groep fungeerde als een soort broeikas van geloof. ‘Iedereen’ bad en las uit de bijbel, hield stille tijd en wilde ‘radicaal voor God gaan’, tenminste dat waren de groepsnormen. Of iedereen ook werkelijk zo fanatiek was is moeilijk te zeggen. In elk geval was de sfeer erg motiverend voor godsdienstige gedachten en gevoelens. Ik werd in de leiding gevraagd en met een paar jeugdleiders hadden we een groep van zo’n 60 jongeren van 16 tot 23 jaar waar we veel leuke en goede dingen mee beleefd hebben. Ik heb er veel geleerd en we kregen als jongeren veel ruimte.
Naast de positieve kant…

Er waren ook andere kanten. Mensen die heel stellig voor een bepaalde mening uit kwamen, die precies wisten wat God wilde. Mensen die heel negatief deden tegenover andere meningen en andere kerken, omdat dat ‘niet bijbels was’ of ‘omdat ze de Geest geen ruimte gaven’. In mijn jeugdig enthousiasme heb ik ook wel gedacht dat alles wat niet evangelisch was, weinig toekomst had. Maar door het interkerkelijke werk van mijn ouders — eerst bij de zendingsgemeenschap OZG en later bij stichting Open Doors — had ik veel soorten kerken en gemeenten van dichtbij meegemaakt en verschillende geloofsbelevingen leren waarderen. Die interkerkelijke opvoeding en mijn ‘aangeboren’ drang tot studie zorgde er voor dat ik als jongerenleider probeerde het grijs tussen het evangelische zwart-wit aan te geven.
Toen ik theologie ging studeren, kwamen de eerste waarschuwingen: “Je gaat je geloof verliezen, hoor! Pas op!” Anderen stonden wel open voor mijn theologische inbreng, die toen nog helemaal door het evangelicale (orthodox-protestantse) en het evangelische (charismatische) gestempeld was. Ik werd gevraagd in de taakgroep onderwijs van de gemeente. We hebben daar hele goede vergaderingen gehad.
De gevolgen van een lezing over ontstaan en gezag van de bijbel
Tijdens mijn periode in de taakgroep onderwijs bleek achteraf één bepaalde activiteit een scharnierpunt geweest te zijn. Ik zie het als een belangrijk startpunt voor mijn verwijdering bij het evangelische geloofsleven. We zouden als taakgroep onderwijs een studiedag over de bijbel voor de gemeenteleden gaan houden en ik zou de lezing over “ontstaan en gezag van de bijbel” verzorgen.
Voor die lezing ging ik me degelijk voorbereiden. Ik had altijd wel allerlei kritiek op de orthodoxe visie op de bijbel tot me genomen, maar ik las dan genoeg verdedigers van de ‘onfeilbaarheid van de bijbel’ om die kritiek weer even aan de kant te kunnen zetten. Ik was ook bang voor die andere visies, want wie weet waar dat toe zou leiden? Maar als ik een lezing over dit onderwerp zou moeten geven, moest ik wel de andere kant ook bestuderen. Anders kon ik het voor mezelf niet verantwoorden.
Als voorbereiding op de lezing las ik allerlei boeken over het ‘ontstaan en gezag van de bijbel’. Ik vroeg mijn docenten aan de universiteit naar goede boeken en ontdekte zelf menige titel. Ik las de rapporten van de Hervormde kerk (Klare wijn) en de gereformeerde kerken in Nederland (God met ons) over de bijbel. Ik las alle stugge gereformeerde verdedigers van de bijbel als dr. J. van Bruggen, het boek van René Pache (Inspiratie en het gezag van de Bijbel), literatuur van de ‘Inerrancy’ beweging uit Amerika en nog een stapel boeken over dit onderwerp. Fundamentalistische verdedigers, maar dus ook de boeken die grote vraagtekens zetten bij het idee dat God de bijbel volledig geïnspireerd heeft. Het lezen van die laatstgenoemde boeken was confronterend.
Vooral het boek van dr. J. Verburg, Canon of Credo, greep me bij de keel. De schrijver was betrokken bij de charismatische vernieuwing en hij lag dus enigszins in dezelfde lijn als de Evangelie Gemeente. Toch gaf hij vele argumenten tegen de onfeilbaarheid van de bijbel en kon hij de bijbelse boeken niet als volledig geïnspireerd en volledig betrouwbaar zien. Dit boek zette me erg aan het denken: Je kon dus geloven in God en in het werk van de heilige Geest zonder de bijbel als een ‘boek uit de hemel’ te beschouwen.
Daarnaast vielen de boeken die de volledige betrouwbaarheid van de bijbel verdedigden erg tegen in hun argumenten. Ze gingen zo uit van de betrouwbaarheid van de bijbel dat ze menig heikel punt oversloegen, problemen verzwegen, cirkelredeneringen hanteerden of zichzelf tegenspraken. Al die ‘fundamentalistische’ boeken kwamen vol te staan met vraagtekens en kanttekeningen. Daar kon ik heel weinig mee.
De kleurrijke theologiestudie

Botanische tuinen bij de Universiteit Utrecht
Tijdens de studie ontmoette ik docenten die duidelijk ‘gegrepen waren’ door het evangelie en van harte het christelijk geloof aanhingen, maar toch kritiek hadden op bepaalde uitspraken van bijbelschrijvers als Prediker, een psalmist of Jakobus. Voorafgaand aan de ontmoeting met deze docenten had ik het idee dat er alleen twee mogelijkheden waren: of je geloofde in de onfeilbaarheid van de bijbel (en was ‘bijbelgetrouw’) of je had problemen met de bijbel en was vrijzinnig (en eigenlijk ongelovig). Maar deze docenten pasten in geen van beide categorieën. Ze lieten grijze tinten zien waar de evangelischen alleen maar zwart en wit zagen. Of kan ik beter zeggen dat ze meer kleuren lieten zien dan alleen zwart en wit.
Ook deed de studie van de islamitische visie op de Koran en geschriften van zendelingen onder moslims mij twijfelen over de bijbel als geïnspireerd ‘hemels boek’. De Koran wordt door orthodoxe moslims namelijk letterlijk als boek uit de hemel gezien. Er ligt een exacte Koran in de hemel, maar — zeiden de zendelingen — dat was anders dan de visie van de christenen. Toch leek de islamitische visie wel heel erg op de visie van veel fundamentalistische christenen, zowel de evangelische als de streng-gereformeerde varianten.
Daarnaast vergeleken sommige zendelingen onder moslims de positie van de Koran in de islam met de plaats van Jezus in het christelijk geloof — ze worden in hun godsdienst namelijk beiden gezien als het letterlijke Woord van God en hebben dezelfde functie als middelaar tussen God en mensen. Ik vond dat heel opvallend: niet de bijbel tegenover de Koran, maar Jezus tegenover de Koran. Mohammed is slechts een profeet, maar de Koran is de vertegenwoordiging en bemiddelaar van God bij de mensen, net zoals Jezus voor christenen de vertegenwoordiger en bemiddelaar is van God. Deze zendelingen zeiden duidelijk: wij, christenen, aanbidden niet de bijbel, maar Jezus. Deze relativering van het gezag van de bijbel was niet zonder effect op mijn geloof en gedachten.
Daar kwam bij dat ik in de theologiestudie de visies van grote theologen op de bijbel leerde kennen. En die hadden zeker niet allemaal dezelfde visie. Barth, Berkhof, Van Ruler, Noordmans, Miskotte, maar ook de vroege kerk, Augustinus, Luther, Calvijn en de rooms katholieke kerk hadden elk weer een eigen kijk op de bijbel en hun eigen ‘Schriftleer’. Wat was dan de juiste? Bestaat er wel een perfecte Schriftvisie? En in hoeverre speelt de eigen tijd en cultuur daarin een rol?
Een evangelisch fundament krijgt barsten

Jeremia 23 uit de Hebreeuwse bijbel. Het stuk bovenaan met de grotere tekens is de hoofdtekst en de kleine letters zijn verwijzingen naar alternatieve versies.
Ik heb op de gemeentelijke studiedag over de bijbel nog braaf een gematigd orthodoxe versie van het ontstaan en het gezag van de bijbel weergegeven, maar ik heb er wel wat theologische kanttekeningen bij geplaatst. Voor een aantal luisteraars was dat al bijzonder confronterend. Ik vond het opmerkelijk dat ze erg schrokken toen ik kopieën van Genesis 1 uit de Hebreeuwse bijbel en het Onze Vader uit het Griekse Nieuwe Testament liet projecteren. Ze zagen dat er verschillende handschriften waren, dat er voor de Hebreeuwse woorden geen klinkers, maar alleen medeklinkers waren overgeleverd. Even later kwamen de vragen: ”Kunnen we de bijbel dan nog wel in alles geloven?” en ”Als mensen zo’n invloed op de bijbel hebben gehad, is het dan wel volledig betrouwbaar ?”
Het bleek dat de evangelische gemeenteleden de bijbel eigenlijk zagen als een boek dat uit de hemel was gevallen. Er werd in de gemeente nooit aandacht besteed aan de menselijke kant van de bijbel, alleen aan de goddelijke kant. En de confrontatie met de menselijke kant was een schok voor hen, zoals het dat eerder voor mij was geweest.
De barsten die met de voorbereiding op deze lezing in mijn evangelische geloof zijn gekomen, gingen niet weg. Ze scheurden alleen maar verder door. Er had een aardbeving plaatsgevonden en één van de belangrijkste evangelische fundamenten, die in mijn ogen zo stevig was geweest, bleek niet tegen de beving van een beetje open-minded studie bestand.
Alles wat ik in de theologiestudie en daarbuiten over de bijbel leerde, botste met de orthodoxe-fundamentalistische evangelische bijbelvisie. En die bijbelvisie was een enorm belangrijke basis voor mijn hele evangelische leven. Typisch evangelische uitspraken als “de bijbel zegt het” of “Jezus zegt het” kwamen ineens in een heel ander licht te staan. Bij zulke uitspraken dacht ik nu niet alleen aan de inhoud van die woorden, maar ook meteen aan het bijbelboek, de evangelist, zijn bedoelingen, zijn theologie en de context. Al deze zaken zette de aangehaalde bijbeltekst volgens mij in het juiste perspectief. Maar om over deze zaken in een evangelische gemeente te praten, was een lastige opgave. Ik probeerde soms voorzichtig wat nuances bij bijbelse aanhalingen aan te brengen, maar dit strookte niet met de evangelische waarden. Ik raakte er steeds meer van overtuigd dat er een breuk had plaatsgevonden tussen mij en de evangelische wereld.
Maar er speelde nog meer. Zie daarvoor het tweede deel van deze post: Waarom ik niet meer evangelisch ben (2).
Het bijbelse huwelijk… nou, nee, liever niet
Betty Bowers (‘America’s Best Christian’) legt aan alle heidenen, homo’s en halve christenen uit hoe het bijbelse huwelijk er precies uit ziet. Satirisch, spottend, profaan, maar wel heel scherp. Dit geeft je beslist wat om over na te denken…
(niet voor gevoelige zielen)
Cabaret van Lewis Black over evolutie, creationisme, joden en het oude testament
“I would love to have the faith that it took place in seven days, but … I have thoughts and that can really fuck up the faith thing – just ask any catholic priest.”
Televisie-evangelisten volgens cabaretier Lewis Black
Lewis Black, de Amerikaanse komiek, cabaretier en medewerker aan de Daily Show van Jon Stewart, over televisie-evangelisten.
“Oral Roberts – he made the cripple people see and the blind people walk.”
Evangelischen ook vrijzinnig
In het tijdschrift Civis Mundi – een tijdschrift voor politieke filosofie en cultuur - van oktober 2007 (46e jaargang, nummer 4), gaat het over de “Vrijzinnigheid als modern religieus en politiek alternatief”. Berichten over dit nummer op diverse sites (Nederlands Dagblad, Credible) maakten me erg nieuwsgierig. Er wordt in dit nummer verteld dat de vrijzinnigheid binnen de kerk een steeds kleinere rol heeft. Maar voordat de orthodoxen blij worden – het gaat ook niet zo goed met hen.
R.M. Nepveu schrijft:
“Veel van het vrijzinnig gedachtegoed is inmiddels ook in orthodoxe kring overgenomen, zij het dat de meeste dogmatici hieruit niet de nodige consequenties trekken.”
Anne van der Meiden gaat nog verder:
“Ik vrees dat de identiteit van de vastgelegde orthodoxie zijn langste tijd heeft gehad. Was die identiteit altijd een samenvallen met erkenning van de ene waarheid en de zekerheid van de leerstelligheden, vooral bij jonge mensen wordt de sociale binding aan de groep, de persoonlijke geraaktheid, de emotie van de beleving hoger gewaardeerd dan de vaste leer.”
Achter “de emotionele evangelische explosies” leeft nog altijd een oude orthodoxie, maar Van der Meiden vermoed dat er veel lippendienst bewezen wordt ter wille van de traditie en de huiselijke harmonie.
“De nieuwe bevindelijkheid van de jongeren strijdt niet met de leer van (hun) de vaderen. Wanneer ze de dertig naderen, zal de uitbundigheid inkrimpen en de bezinning toenemen. Daar ligt volgens mij een cruciaal punt van de kerkgeschiedenis van de komende twintig jaar. Ik merk bij Rooms Katholieken en Protestanten, ook ouderen, dat de vraag hoe zij zich opstellen tegenover de leer der kerk, in toenemende mate oninteressant wordt. Niet meer iets om over te vechten. Maar ook niet iets om strijdlustig vrijzinnig mee af te rekenen. De innerlijke vrijzinnigheid zal diverse gestalten krijgen en daarmee zal de erosie van bestaande kerkverbanden toenemen.”
In het onderzoek ‘Ooit evangelisch’ van Otto de Bruijne, Karin Timmerman en mijzelf (zie mijn bericht daarover) kwam ik opvallend veel van bovengenoemde aspecten tegen. En ook stromingen als de ‘Emerging Church’ gaan met deze beweging mee. Ze zijn daarin voorlopers van een nieuwe wereld. We gaan een andere tijd tegemoet!
Bono spreekt tot Bush, Obama en mij (1)
Bono – voor niet ingewijden: de zanger van U2, een beroemde popgroep – komt op allerlei plaatsen: concertzalen, stadions, parken. Maar hij is op 2 februari 2006 ook op de National Prayer Breakfast - het Nationale Gebedsonbijt – in Washington DC, Amerika verschenen. Deze bijeenkomst heeft een lange traditie waarbij Amerikaanse regeringsleiders allerlei geestelijke leiders uit hun land uitnodigen om, over de grenzen van religies en overtuigingen heen, stil te staan bij de ideeën en de boodschap van Jezus.
Onder de aanwezigen waren in 2006 president Bush en zijn vrouw Laura, senator Obama, koning Abdullah van Jordanië en vele anderen. En Bono hield daar de belangrijkste toespraak, de zogenaamde Keynote Address. Hij sprak als een oud testamentische profeet, maar dan iets vriendelijker. Het profetische karakter van zijn toespraak uit zich in zijn kritische woorden die duidelijk door zijn geloof en diepste overtuigingen geïnspireerd waren. Die woorden hebben niet alleen de aanwezigen toen, maar ook mij nu, aan het denken gezet.
Ik haal hieronder een aantal gedeelten uit zijn toespraak aan. Deze delen vormen in mijn ogen de kern. Zijn woorden heb ik met mijn beperkt inzicht van commentaar voorzien waar het mij raakt of waar ik iets uit kan leggen.
Well, thank you, thank you Mr. President, First Lady, King Abdullah of Jordan, Norm [Coleman], distinguished guests. Please join me in praying that I don’t say something we’ll all regret.
If you’re wondering what I’m doing here, at a prayer breakfast, well so am I. I’m certainly not here as a man of the cloth, unless that cloth is — is leather. I’m certainly not here because I’m a rock star — which leaves only one possible explanation: I’ve got a messianic complex. It’s true. And anyone who knows me, it’s hardly a revelation.
Well, I’m the first to admit that there’s something unnatural, something even unseemly about rock stars mounting the pulpit and preaching at presidents — and disappearing to their villas in the South of France. Talk about a fish out of water.
Met humor en bescheidenheid begint Bono aan zijn toespraak. Hij voelt zich ook niet helemaal op zijn plaats als rock-muzikant tussen geestelijke en politieke leiders. Gekscherend wijst hij op zijn messias-complex. Hij relativeert zichzelf, maar geeft ook aan dat hij echt wel wat wil veranderen in deze wereld. De toon is daarmee gezet.
I’d like to talk about the laws of man, here in this city, where those laws are written. I’d like to talk about higher laws. It would be great to assume that once there’s the other, that the laws of man serve these higher laws, but, of course, they don’t always. I presume that, in a way, is why you’re all here. I presume the reason for this gathering is that all of us are here — Muslims, Jews, Christians — are all searching our souls for how to better serve our family, our community, our nation, our God. And some of us are not very good examples, despite what Norm [Coleman] says.
Auch. Dit is geen zachtzinnige profeet. De profeet Bono wijst de aanwezigen wel voorzichtig, maar ook heel duidelijk, op hun falen. ‘Sommigen van ons zijn geen goede voorbeelden!’
Bono vertelt daarna over zijn geloofsontwikkeling, zijn vragen en cynisme.
I am certainly searching, and that, I suppose, is what led me here. Yes, it is odd, having a rock star at the breakfast. But maybe it’s odder for me than for you, because, you see, I’ve avoided religious people most of my life. Maybe it’s something to do with having a father who was a Protestant and a mother who was a Catholic in a country where the line between the two was, quite literally, often a battle line; where the line between Church and State was, at the very least, a little blurry and hard to see.
I remember how my mother would bring us to chapel on Sundays and my father used to wait outside. One of the things that I picked up from my father and my mother was the sense that religion often gets in the way of God; for me, at least, it got in the way — seeing what religious people, in the name of God, did to my native land. And even in this country, seeing God’s second-hand car salesmen on their TV cable channels offering indulgences for cash. In fact, all over the world — seeing the self-righteous “roll down like a mighty stream,” from certain corners of the religious establishment. I must confess, I changed the channel. I wanted my MTV.
So, even though I was a believer, and — and perhaps because I was a believer, I was cynical — not about God, but about God’s politics. (There you are, Jim.)
Bono wijst hier op Jim Wallis, een linkse evangelical, die een boek heeft geschreven met de titel ‘God’s Politics’. Ook een luis in de pels van de conservatieve christelijke stroming wereldwijd. Bono vertelt daarna over een groep mensen die hem erg beïnvloed hebben.
In 1997, a couple of Christians went and ruined my reproachfulness. They did it by describing the Millennium, the year 2000, as a Jubilee year; described this year as an opportunity to cancel the chronic debts of the world’s poorest people. They had the audacity to renew the Lord’s call and were joined by Pope John Paul II, who, from Irish half-Catholic’s point of view, may have had a little more of a direct line to the Almighty. But they got together to declare the Year of Jubilee.
What was this year of Jubilee, this year of our Lord’s favor? I’d always read the Scriptures, actually, even the obscure stuff. There it was in Leviticus 25:35: “If your brother becomes poor,” the Scriptures say, “and cannot maintain himself, you shall maintain him. You shall not lend him your money at interest, not give him your food for profit.”
This is such an important idea, Jubilee, that this is how Jesus begins his ministry. Jesus is a young man; he’s met with the rabbis; he’s impressed everybody; people are talking. The elders say, he’s a clever guy, this Jesus, but — you know — he hasn’t done much public speaking.
When he does, his first words are from Isaiah: “The Spirit of the Lord is upon me,” he says, “because He has anointed me to preach the good news to the poor.” And Jesus proclaims the year of the Lord’s favor, the year of Jubilee. I think that’s Luke 4[:18]. What he was really talking about was an era of grace — and we’re still in it.
In een paar sprongen is hij van zijn opvoeding tot bij zijn boodschap voor de aanwezigen gekomen. Hij gaat dan uitleggen hoe zijn kijk is op de boodschap van het christelijk geloof voor onze wereld. En die blik verschilt behoorlijk met die van veel christenen.
So fast-forward 2,000 years. That same thought, grace, is now incarnate in a movement of all kinds of people. It wasn’t a bless-me club. It wasn’t a holy huddle. These religious guys were willing to get out in the streets, get their boots dirty, wave the placards, follow their convictions with actions, making it really hard for people like me to keep our distance — ruining my shtick. I almost started to like these church people.
But then my cynicism got another helping hand. It was Colin Powell, a five-star general, called the greatest W.M.D. [Weapon of Mass Destruction] of them all: a tiny little virus called A.I.D.S. And the religious community, in large part, missed it. And the ones that didn’t miss it could only see it as divine retribution for bad behavior — even on children, even if the fastest growing group of HIV infections were married, faithful women.
Ah, there they go. Judgmentalism is back, I thought to myself. But in truth, I was wrong again. The Church was slow but the Church got busy on this the leprosy of our age.
Love was on the move.
Mercy was on the move.
God was on the move.Moving people of all kinds to work with others they had never met, never would have cared to meet. They had conservative church groups hanging out with spokesmen from the gay community, all singing off the same hymn sheet on AIDS. See, miracles do happen. And we had hip-hop stars and country stars.
This is what happens when God gets on the move: crazy, crazy stuff happens.
Christenen mogen dan langzaam zijn in hun reactie, maar ze gingen zich wel inzetten voor mensen die lijden onder armoede en aids. Er veranderde ook iets in de regeringen van Westerse landen.
When churches start demonstrating on debt, governments listened — and acted. When churches started organizing, petitioning, and even that most unholy of acts today, God forbid, lobbying on AIDS and global health, governments listened — and acted. I’m here today in all humility to say: you changed minds; you changed policy; and you changed the world. So, thank you.
Bono noemt de goede gevolgen die de kerkelijke inspanningen hebben opgeleverd bij de regeringen. En kan hij alle aanwezigen – politieke en geestelijke leiders – complimenteren en bedanken. Tegelijk is zijn compliment een aanmoediging om op die weg verder te gaan. Hij spreekt zelfs hele lovende woorden over president Bush.
Here’s some good news for you, Mr. President. After 9-11, we were told America would have no time for the world’s poor. We were told America would be taken up with its own problems of safety. And it’s true these are dangerous times, but America has not drawn the blinds and double-locked the doors.
In fact, you have doubled aid to Africa. You have tripled funding for the global health — for global health. And Mr. President, your emergency plan for AIDS relief and support of the Global Fund — you and Congress — has put 700,000 people onto life-saving anti-retroviral drugs and provided eight million bed nets to protect children from malaria.
Outstanding human achievements. Counterintuitive, I think you’ll admit, but historic. You should be very, very proud.
But here’s the bad news. There’s so much more to do. There is a gigantic chasm between the scale of the emergency and the scale of the response.
Goed gedaan, Bush, maar ga door en ga verder! Hoe negatief er vaak over Bush gesproken wordt, we moeten hem wel een ding nageven: voor Afrika is hij heel goed geweest. Zijn aids en armoede beleid heeft in Afrika veel goede vruchten afgeworpen. Die goede vruchten heeft Bono op zijn bezoeken aan Afrika gezien en hij looft de president daarvoor. Er is veel gedaan, maar Bono maakt meteen duidelijk dat er nog heel veel te doen is.
In het tweede deel van mijn post over Bono’s toespraak staat Bono’s God, armoede en onze verantwoordelijkheid centraal.
De volledige toespraak is te vinden op de site van Speaking of Faith.
Obama’s uitspraken over geloof en politiek

Voorafgaand aan zijn presidentschap heeft Obama bij verschillende gelegenheden gesproken over de verhouding tussen geloof en politiek. Behalve een uitzonderlijk intelligente, gebalanceerde en doordachte toespraak Call to Renewal, die specifiek op geloof en politiek inging, heeft hij nog veel meer gesproken over de rol die het geloof in de politiek kan spelen. Hieronder enkele uitspraken die ik ooit van zijn verkiezingswebsite heb gehaald, maar nu op de Barack Obama website staan. Enkelen zijn uit de beroemde Call to Renewal speech en de anderen zijn quotes uit allerlei toespraken.
- – - – - – - – - – -
- God is constantly present in our lives, and this presence is a source of hope.
“Hope in the face of difficulty, hope in the face of uncertainty, the audacity of hope: In the end, that is God’s greatest gift to us, the bedrock of this nation, a belief in things not seen, a belief that there are better days ahead.”
– Democratic National Convention Keynote Address.
- Progressives should boldly approach matters of faith and values.
“[I]f we truly hope to speak to people where they’re at – to communicate our hopes and values in a way that’s relevant to their own – then as progressives, we cannot abandon the field of religious discourse…Because when we ignore the debate about what it means to be a good Christian or Muslim or Jew; when we discuss religion only in the negative sense of where or how it should not be practiced, rather than in the positive sense of what it tells us about our obligations towards one another…others will fill the vacuum, those with the most insular views of faith, or those who cynically use religion to justify partisan ends.”
– Call to Renewal Keynote Address
“Our failure as progressives to tap into the moral underpinnings of the nation is not just rhetorical, though. Our fear of getting “preachy” may also lead us to discount the role that values and culture play in addressing some of our most urgent social problems.”
- The Audacity of Hope.
- As Joshua built on the work of Moses, leaders of today – the ‘Joshua Generation’ – must build of the foundation of previous generations to move our nation forward.
“The final thing that I think the Moses generation teaches us is to remind ourselves that we do what we do because God is with us. You know, when Moses was first called to lead people out to the Promised Land…the Lord said I will be with you. Throw down that rod. Pick it back up. I’ll show you what to do. The same thing happened with the Joshua generation. Joshua said, you know, I’m scared. I’m not sure that I am up to the challenge. The Lord said to him, every place that the sole of your foot will tread upon, I have given you. Be strong and have courage, for I am with you wherever you go. Be strong and have courage. It’s a prayer for a journey. A prayer that kept a woman in her seat when the bus driver told her to get up, a prayer that led nine children through the doors of that Little Rock school, a prayer that carried our brothers and sisters over a bridge right here in Selma, Alabama. Be strong and have courage.”
-Address to Brown Chapel A.M.E. Church, Selma, Alabama, on the Anniversary of Bloody Sunday.
- Faith should not be used as a wedge to divide.
“We think of faith as a source of comfort and understanding but find our expressions of faith sowing division; we believe ourselves to be a tolerant people even as racial, religious, and cultural tensions roil the landscape. And instead of resolving these tensions or mediating these conflicts, our politics fans them, exploits them, and drives us further apart.”
– The Audacity of Hope.
“Well, I say to them tonight, there’s not a liberal America and a conservative America – there’s the United States of America. There’s not a black America and white America and Latino America and Asian America – there’s the United States of America. The pundits like to slice-and-dice our country into Red States and Blue States; Red States for Republicans, Blue States for Democrats. But I’ve got news for them, too. We worship an awesome God in the Blue States, and we don’t like federal agents poking around our libraries in the Red States. We coach Little League in the Blue States and have gay friends in the Red States. There are patriots who opposed the war in Iraq and patriots who supported it. We are one people, all of us pledging allegiance to the stars and stripes, all of us defending the United States of America.”
– Democratic National Convention Keynote Address.
- The separation of church and state is critical and has caused our democracy and religious practices to thrive.
“[Conservative leaders] need to understand the critical role that the separation of church and state has played in preserving not only our democracy, but the robustness of our religious practice. Folks tend to forget that during our founding, it wasn’t the atheists or the civil libertarians who were the most effective champions of the First Amendment. It was the persecuted minorities, it was Baptists like John Leland…It was the forbearers of the evangelicals who were the most adamant about not mingling government with religion, because they did not want state-sponsored religion hindering their ability to practice their faith…”
– Call to Renewal Keynote Address
- We are a nation of many faiths and of those with no faith at all. The religious practices of all must be respected.
“Given the increasing diversity of America’s population, the dangers of sectarianism have never been greater. Whatever we once were, we are no longer just a Christian nation; we are also a Jewish nation, a Muslim nation, a Buddhist nation, a Hindu nation, and a nation of nonbelievers.”
- Call to Renewal Keynote Address
- Faith is a source of action for justice.
“Imagine Lincoln’s Second Inaugural Address without reference to “the judgments of the Lord.” Or King’s I Have a Dream speech without references to “all of God’s children.” Their summoning of a higher truth helped inspire what had seemed impossible, and move the nation to embrace a common destiny.”
– Call to Renewal Keynote Address
“We should never forget that God granted us the power to reason so that we would do His work here on Earth – so that we would use science to cure disease, and heal the sick, and save lives.”
– World AIDS Day Speech: Race Against Time
“Pastors, friends of mine like Rick Warren and T.D. Jakes, are wielding their enormous influences to confront AIDS, Third World debt relief, and the genocide in Darfur. Religious thinkers and activists like our good friend Jim Wallis and Tony Campolo are lifting up the Biblical injunction to help the poor as a means of mobilizing Christians against budget cuts to social programs and growing inequality…Across the country, individual churches like my own and your own are sponsoring day care programs, building senior centers, helping ex-offenders reclaim their lives, and rebuilding our gulf coast in the aftermath of Hurricane Katrina.”
– Call to Renewal Keynote Address
- Government alone cannot solve all of our problems – we have an individual responsibility to be our brother’s keeper and our sister’s keeper.
“And although government will play a crucial role in bringing about the changes we need, more money and programs alone will not get us where we need to go. Each of us, in our own lives, will have to accept responsibility – for instilling an ethic of achievement in our children, for adapting to a more competitive economy, for strengthening our communities, and sharing some measure of sacrifice. So let us begin. Let us begin this hard work together. Let us transform this nation.”
- Presidential Announcement Speech
Zie ook mijn andere posts over Obama en geloof. Klik in de rechterkolom bij “Code woorden” op Obama.
Een jaar leven volgens ALLE richtlijnen uit de bijbel
De journalist A.J. Jacobson duikt altijd helemaal onder in zijn onderwerp. Hij noemt zichzelf een menselijk proefkonijn. Hier vertelt hij over zijn project om een jaar lang volgens alle – alle – richtlijnen uit de bijbel te leven. Hoe gaan fundamentalisten om met de bijbel als ze zeggen dat ze alles letterlijk nemen? Een verslag van dit levensjaar is ook in boekvorm verschenen. Geweldige video!
De conservatieve christenen van Nederland hebben een heldendaad verricht. Zij hebben er door hun protesten voor gezorgd dat het EO-programma “Loopt een man over het water” werd stopgezet. Het was ook al heel gevaarlijk voor ons aan het worden. De uitgenodigde cabaretier Guido Weijers had zich al verdiept in het Marcus evangelie en had als atheïst een stap richting de EO en het geloof willen zetten (zie 

