Aartsbisschop Tutu huilde

Posted on 4 juni 2009

0


Aartsbisschop Desmond TutuIn de negentiger jaren leidde aartsbisschop Desmond Tutu van de Anglikaanse Kerk in Zuid Afrika de Waarheidscommissie die de verborgen gruwelijkheden van de apartheidsjaren het licht wilde laten zien. Journalist en dichteres Antjie Krog heeft een verslag van het werk van deze commissie in boekvorm uitgegeven: Country of My Skull (Nederlandse vertaling: De kleur van je hart). Een aangrijpend verslag waarin het geweld namen en gezichten krijgt. Geen gemakkelijke lectuur, maar het maakt wel duidelijk waartoe wij mensen in staat zijn.

De eerste getuige voor de Waarheidscommissie was Nohle Mohapi. Zij sprak over haar man, de “black consciousness” activist Mapetla Mohapi. Hij is nooit meer levend gezien nadat de politie hem in 1976 arresteerden.

De tweede getuige was een voormalige gevangene van Robben eiland, Singqokwana Ernest Malgas, de laatste getuige. In zijn rolstoel – na een beroerte – sprak hij met moeite over zijn arrestatie, martelingen en de tijd op Robben eiland. 30 jaar in totaal heeft hij geleden onder arrestaties, gevangenisschap, huisarrest, aanslagen, martelingen en treiteringen.

Hij vertelde: “Ik werd continu in elkaar geslagen na mijn arrestatie, maar er was geen aanklacht tegen mij ingediend.” In 1985 is zijn huis in brand gestoken en is er zware chemische middelen over zijn zoon Simphiwe gegoten, die als gevolg daarvan overleed. Hoewel hij aangifte deed van deze aanval is er door de autoriteiten nooit actie ondernomen.

Iemand van de commissie vroeg of Malgas het zag zitten om over zijn martelingen te vertellen. Hij begon enkele gruwelijke details te vertellen, maar moest toen huilen.Tutu huilt tijdens een van de eerste hoorzittingen van de waarheidscommissie - 1996

Tutu, in zijn paarse kerkelijke gewaden, deed zijn handen voor zijn gezicht en huilde met hem mee. De hoorzitting voor die dag werd snel afgerond door een ander commissielid.

Tutu was niet de enige die moest huilen bij het horen van verhalen van gruwel en geweld. Veel getuigen, publiek en psychologische begeleiders konden hun tranen niet bedwingen.

“Het is heel traumatisch geweest. De verhalen die we gehoord hebben, hebben ons allen erg aangegrepen,” vertelde een woordvoerder – Phila Ngqumba – aan journalisten na afloop van de hoorzittingen. 

Een indrukwekkend gedicht van Ingrid de Kok vertelt over aartsbisschop Tutu’s reactie op de gruwelijke verhalen.

“THE ARCHBISHOP CHAIRS THE FIRST SESSION”

The Truth and Reconciliation Commission, April 1996, East London, South Africa

On the first day
after a few hours of testimony
the Archbishop wept.
He put his grey head
on the long table
of papers and protocols
and he wept. 

The national
and international cameramen
filmed his weeping,
his misted glasses,
his sobbing shoulders,
the call for a recess. 

It doesn’t matter what you thought
of the Archbishop before or after,
of the settlement, the commission,
or what the anthropologists flying in
from less studied crimes and sorrows
said about his discourse,
or how many doctorates,
books and installations followed,
or even if you think this poem
simplifies, lionizes,
romanticizes, mystifies.

There was a long table, starched purple vestment
and after a few hours of testimony,
the Archbishop, chair of the commission,
laid down his head, and wept.

That’s how it began. 

(From Terrestrial things: poems by Ingrid de Kok, Snailpress, Plumstead, South Africa, 2002)

Een teken van menselijkheid temidden van onmenselijke verhalen.